Naar inhoud springen

Zuidelijk Flevoland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Zuidelijk Flevoland
Polder in Nederland Vlag van Nederland
Zuidelijk Flevoland (Flevoland)
Zuidelijk Flevoland
Zuidelijk en Oostelijk Flevoland
Situering
Provincie Flevoland
Coördinaten 52°22'59"NB, 5°23'53"OL
Algemeen
Oppervlakte 430 km²
Inwoners
(2007)
200.808
Portaal  Portaalicoon   Nederland
Bioscoopjournaal uit 1968 over het net drooggevallen Zuidelijk Flevoland.
Drooglegging van Zuidelijk Flevoland nabij Muiderberg (1963)
Medewerkers van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders doen in 1968 onderzoek in de drooggelegde Flevopolder

Zuidelijk Flevoland is de vierde en vooralsnog laatste droogmakerij (polder) die is aangelegd in het kader van de Zuiderzeewerken. Het is sinds 1986 onderdeel van de Nederlandse provincie Flevoland. Het grenst aan Oostelijk Flevoland. Op 1 januari 2007 had de polder 200.808 inwoners. De polder heeft een grootte van 430 km².

De aanleg begon in 1959, kort na de voltooiing van de dijk rond Oostelijk Flevoland. Net als bij de oostelijke polder werd een kunstmatig werkeiland gebouwd, ditmaal bij Muiderberg, om als basis te dienen voor de dijkbouwers. Vanuit dit eiland groeiden de dijken uit naar het noorden (richting de Knardijk, die Oostelijk en Zuidelijk Flevoland scheidt) en naar het zuiden en westen, langs wat nu de randmeren zijn: het Gooimeer, Eemmeer, Nijkerkernauw, Nuldernauw, Wolderwijd en IJmeer.

De planning voorzag in een ringdijk van ongeveer 60 kilometer, maar er trad stagnatie op na 1956, waardoor de totale dijkbouw 8,5 jaar duurde. Redenen hiervoor was onder meer de prioritering van de Deltawerken na de Watersnoodramp van 1953. De bouwtechnieken bouwden voort op eerdere polders: zandzuigers spuiten materiaal op voor de dijkbasis, gevolgd door klei en stenen voor versteviging. Een cruciaal moment was de dijksluiting op 18 oktober 1967, nabij Muiderberg, een feestelijke gebeurtenis die het gebied afsloot van het IJsselmeer.

Vervolgens begon het gemaal De Blocq van Kuffeler bij Almere – het water weg te pompen. Op 23 mei 1968 viel Zuidelijk Flevoland droog.

De bodem bestond voornamelijk uit klei (ongeveer 39.100 hectare) en zware zavel (2.070 hectare), ideaal voor landbouw na ontzouting. Het Oostvaardersplassengebied, oorspronkelijk bedoeld voor industrie, bleek te drassig en werd behouden als natuurreservaat – een toevallige zegen voor biodiversiteit.

De kavelafmetingen kwamen uit op 550 x 1.200 meter, veel groter dan in Oostelijk Flevoland. Op 9 februari 1979 was de eerste landuitgifte: 25 akkerbouw- en 10 weidebedrijven van 35-60 hectare.

Zuidelijk Flevoland is aan drie zijden omgeven door water. Aan de noordwestzijde ligt het Markermeer, aan de oost- en zuidkant wordt het van het oude land gescheiden door Randmeren: van rechts naar links het Wolderwijd, het Nulder- en Nijkerkernauw, het Eemmeer, het Gooimeer en het IJmeer. Aan de noordoostkant wordt het begrensd door de Knardijk.

Almere is de grootste plaats in de polder. Daarnaast is er alleen nog de plaats Zeewolde. De polder kenmerkt zich door grootschalige akkerpercelen en veel windmolens.

De belangrijkste wegen door de polder zijn de A6, die Amsterdam via Almere en Lelystad met Emmeloord verbindt en de A27 die Almere via Hilversum met Utrecht verbindt. Sinds 1987 is Almere via de Flevolijn vanaf Amsterdam te bereiken. In 1988 werd de spoorlijn verlengd naar Lelystad en in 2012 tot Zwolle (Hanzelijn).

Tussen de spoorlijn en de dijk langs het Markermeer bevindt zich een groot natuurgebied, de Oostvaardersplassen.

Bij Zeewolde ligt sinds 1980 het vakantiepark De Eemhof van Center Parcs.

In het zuiden, in het Hulkesteinse Bos en bij het Nijkerkernauw, ligt naturistenpark Flevo-Natuur, met recreatiewoningen, een camping, en de mogelijkheid van dagrecreatie.[1]